Kindertolk
Marguérite van der Linden

Op iedere plek, op iedere leeftijd zijn er kinderen die niet meetellen; die gepest, getreiterd of genegeerd worden. Helaas geldt dat ook voor volwassenen. Op iedere werkplek, in iedere straat zijn er mensen die 'er niet bijhoren'. Waar kinderen zich dan nog heel direct uitspreken gaan volwassenen roddelen of zwijgen.  Wie durft rechtsreeks tegen een collega te zeggen dat die heftig riekende oksels écht niet harden zijn of dat het structureel te laat komen een bron van veel ergernis is?  

Nee, we willen iemand niet kwetsen. Of we zijn bang dat als we hard zijn dat we de volgende keer zelf aan de beurt zijn? Het lijkt of je iemand dan wilt ontzien, maar eigenlijk ontzien we vooral onszelf door het niet uit te spreken…. Slecht voorbeeld...

Kinderen spreken zich veel makkelijker uit. Zijn niet bezig met de consequenties van uitspraken. Daarom vinden we ze toch zo leuk, zo onbevangen en eerlijk…?? Maar daardoor zijn kinderen ook hard. Heel hard.  Het zal je niet onbekend voorkomen dat een kind tegen een volwassene zegt: ‘Jij stinkt’  of ‘wat praat jij raar’ of  ‘wat heb jij een grote neus’… Je kunt je daar heel ongemakkelijk bij voelen maar ‘het is maar een kind’ dus het kwetst je niet. Maar kinderen doen ook zo tegen elkaar.
 
Waarom wordt een kind de pispaal? Wie beslist dat juist hij of zij de prooi wordt waar iedereen mee mag doen waar ie zin in heeft? En waarom begint iemand met pesten? Waarom pest je? Is dat leuk? Krijg je daar een goed gevoel over? En … wat doe je als je het ziet gebeuren? Ik stond erbij en ik keek er naar? Meelachen… ?
De focus gaat in pestsituaties altijd naar degene die gepest wordt, die zou de oorzaak zijn. Het wordt gelabeld als aanstellerij (‘je kunt toch wel tegen een grapje’ of  ‘plagen hoort erbij’) of je krijgt het terug als ‘eigen schuld dikke bult’ want je bent niet assertief, of je dóet ook anders dan de rest… of je hébt toch ook flaporen?
 
De verschil zit in hard zijn of eerlijk. We kunnen misschien wel wat van kinderen leren.  Je zal niet makkelijk aan je buurvrouw vragen, en misschien zelfs niet eens aan je beste vriendin, waarom ze toch altijd een net te korte rok aan heeft. Terwijl een kind roept: ‘Ik zie je onderbroek!!!’ Dat is waarschijnlijk wel genoeg om het slachtoffer ’s avonds even een kritische blik in de spiegel te laten werpen….
 
 Als ouder voel je na zo’n uitspraak beschaamd en probeer je het onhandig te corrigeren; ‘nou, nou, moet dat nu zo?’ of ‘ dat zég je toch niet…’, want tsja, jij hebt net weer een aantekening slecht opvoeden gescoord… 
 
Natuurlijk zullen we de open mind van onze kids wat moeten bijschaven en ze helpen te leren hoe je iets zegt en ook wanneer. Maar over het algemeen is de directe aanpak van kinderen, heel effectief. De ander weet waar hij of zij aan toe is. Heel helder. Soms is de boodschap niet zo leuk, maar biedt je wel de kans om er iets aan te gaan doen!
 
Kinderen hebben een sfeer van veiligheid en respect nodig. Dat kun je als ouder voorleven. Dus roddel niet over de buurvrouw met haar grote scheur of de buurman met dat vieze lange haar, want je kind zal dat zien als de manier waarop je omgaat met mensen die anders zijn dan jij. Maar ook; wees oprecht en eerlijk als dingen je niet zinnen; laat niet over je heen lopen als iemand je kwetst; want dan geef je een voorbeeld dat dat oké is en zal je kind niet van zich afbijten als er gepest wordt.
 
Pesten kan fysiek zijn, verbaal of via de app. Maar ook buitensluiten of negeren is een manier om iemand te laten voelen dat ie er niet bij hoort. En het stapelt zich ook nog op; door de uitsluiting ben je kwetsbaarder en zul je een grapje sneller als pesten opvatten. 
 
Hoe erg is dat? En wie zijn schuld is dat? Voeden wij niet goed op of zijn we zelf niet goed opgevoed? Heb je er als ouder überhaupt invloed op of jouw kind gepest wordt? Of dat jouw kind een pester is?
 
Bij pesten zijn er 3 verantwoordelijken; de pester, de gepeste en de toeschouwers. Alle drie zijn zij verantwoordelijk dat het pesten ophoudt. 
En daarmee ook de ouders van alle drie; zij zullen hun kind ook de verantwoordelijkheid moeten bijbrengen. En zich ook afvragen waarom hun kind die rol heeft. Je kunt het niet afdoen met: ‘Het zijn kinderen, het hoort erbij, de grote boze wereld zal ook niet altijd aardig voor je zijn, dus wen er maar aan!’,  want intussen weten we toch wel dat pesten veel schade kan aanrichten. Ook pesters kunnen als ze ouder zijn zeer veel last krijgen van hun gedrag van toen. 
 
Gelukkig is alles te leren. Dat geldt voor kinderen én volwassenen. Directheid is in de mix met tact, timing en een portie communicatieve vaardigheid een zeer effectief oplosmiddel voor pestgedrag, spanningen in (werk)relaties, irritaties, functioneringsproblemen en opvoeding. Uiteindelijk willen we toch allemaal weten waar we aan toe zijn?! 
 
Ik daag je uit; zullen we gewoon eens een weekje níet om de hete brij heen draaien, maar ‘kinderlijk direct’ zijn?  Ik hoor graag jouw ervaring...
 
                                  
 
 
 
Marguérite van der Linden
Kindertolk
 
 

© That is why 2015 - 2018 Algemene voorwaarden || VetArts